Happy happy!

Sietske met haar pete-tweeling

Sietske met haar pete-tweeling

‘Folle Lok en Seine’ hoorden we dit jaar weer volop. In Kumba was dat steeds ‘happy new year’ en dan antwoordde je met ‘Happy Happy’. Van onze laatste drie jaarwisselingen hebben we er eentje uitgezeten, die van het millennium. Bij de ander twee lagen we rond elf uur in bed. Beide keren hadden we bezoek uit Nederland, beide keren was met name het bezoek zo moe dat ze het niet langer uit konden houden en onder de koele lakens doken. Want heet is het in Kumba rond de jaarwisseling, zo’n 35 graden.
De eeuwwisseling was een belevenis op zich. Zo had de overheid een millennium commissie in het leven geroepen. Niet al maanden van te voren om alle eventuele consternatie te voorkomen maar gewoon twee weken voor het einde van de eeuw. Er is niets ernstigs gebeurd. Bij ons op het seminarium hebben we een klein feestje georganiseerd. Met wat financiële steun van de docenten hadden de studenten voor iedereen een flesje drinken gekocht. Er waren pinda’s en biscuitjes. Om twaalf uur werd er gezoend, gebeden en gezongen en begon het dansen. Onze jongens staken hun sterretjes aan en dat was alles wat we aan vuurwerk hadden. Een heel ander oud en nieuw dan we hier dit jaar in Friesland meemaakten.

Met kinderen van het seminarium

Met kinderen van het seminarium

Andere Wereld
Uiteraard is het hier een heel andere wereld. Op 21 december zijn we weer naar Nederland gevlogen. Met de nodige vertraging maar dat was te verwachten. De overgang van een heet (40 graden) en kerstsfeerloos Kumba  naar een koud en regenachtig Schiphol. Onze ouders hadden winterjassen  meegenomen naar Schiphol, hete chocolademelk stond klaar in de auto en slaapzakken waren ‘stand by’. Zo kwamen we toch warm in Friesland aan. Na een heerlijk bord snert en vele verhalen hebben we een goede nachtrust gehad. En het was de volgende ochtend fijn wakker worden met de sneeuw in de tuin, heerlijk. Onze Jonas, in Kameroen geadopteerd, stond voor het eerst van zijn leven in de sneeuw. Het enigste wat hij zei was ‘koud he, mem’.
En het is deze Jonas die ons keer op keer verteld over Kameroen. Natuurlijk zitten we allemaal boordevol verhalen en ervaringen, met verdriet om wat we hebben achter gelaten en met heimwee naar de vrienden en de dieren. Maar we verwerken dat toch een beetje voor ons zelf, op onze eigen manier. Jonas daarentegen kletst en praat en noemt in een lange woordenbrij alle namen van de mensen die hij kent. Voorop komt altijd papa, en dan de chauffeur van het seminarium. Die twee zagen elkaar dagelijks. Dan ‘praatten’ ze over de rode bus, de seminarium-bus, en over de botsing en de garage.  Dan komen de namen van het personeel, met name Lydia, zijn vaste oppas. Lydia bracht vaak ‘pofpof’ mee, kleine oliebolletjes die als ontbijt gegeten worden. Heerlijk vonden we die ‘vette hap’. Dan noemt hij de vrienden van Jornt en Leon, zijn eigen vriendjes en dan nog wat losse namen.  Jornt en Leon ‘springen in’ wanneer ze iets over die genoemde persoon willen vertellen. Maar meestal dromen ze de verhalen voor zich uit, diep in gedachten.
Pofpof missen we. En we missen meer. Jornt vroeg vanochtend of we beans and rice (bruine bonen met rijst) konden eten zoals mevrouw Ester, onze kok, dat altijd maakte. We hebben beloofd vandaag bruine bonen te eten, maar op zijn Nederlands, op zijn ‘mems’. Daar zal hij het voortaan mee moeten doen. En niet alleen het eten missen we. Het zijn vooral de mensen en een beetje de warmte.  Niet alleen van het klimaat maar van de omgang.

Stand against AIDS club

Stand against AIDS club

Het afscheid
Ons afscheid, eigenlijk mijn afscheid, was hartverwarmend. Hinne, mijn man, gaat eind januari weer terug naar Kameroen. Zijn contract loopt tot juni door en hij wil dat graag afmaken. Het afscheid was dus voor de kinderen en mij. Vele studenten en studentenvrouwen zijn thuis langs geweest met hun groeten, hun verhalen en hun kleine giften. Op het seminarium zelf is een groot feest gegeven waarin toneel werd  gespeeld, gezongen en  gedanst. Op Kameroense feesten wordt volop gedanst. Men zingt traditionele liederen met veel herhalingen, vaak onder leiding van een voorzanger. Vele drummen begeleiden het zingen en men danst veelal in een grote kring. Wij hadden onze eigen cd-speler meegenomen naar het feest en draaiden, op verzoek, Nederlandse muziek. Heerlijk gedanst op K3 en Paul de Leeuw. Verder hadden alle groepen waarin ik een rol speelde een eigen afscheid georganiseerd. De AIDS-club waarin ik bestuurslid was, de jongerenvereniging en de kinderkerkgroep.
Ook onze kinderen hebben een grandioos afscheidsfeest gehad. Leon mocht voor 1 keer de grote ‘talking’ drum bespelen, die op het seminarium alle activiteiten aankondigt. Er was een spannende voetbalwedstrijd voor alle grote kinderen van het seminarium. De dean deelde de beker daarna uit aan beide teams (het was een gelijkspel) en met dat officiële gebaar kreeg het hele programma van die middag  een extra officieel tintje. De dean is, zeker in de ogen van de kinderen,  de grote baas van het seminarium. Dat de dean  tevens een van onze beste vrienden is, en voor onze jongens een soort opa, was nu even niet belangrijk.
En nu dan weer in Nederland, in Utrecht, in het guesthouse van de landelijke SOW-kerken. Een mooi appartement maar de muren komen regelmatig op ons af. We komen thuis en tegelijk voelen we ons vreemdelingen in eigen land, door de drukte, de onpersoonlijke omgang tussen mensen, de kou en duisternis, de rijkdom van het leven hier. We zullen er aan moeten wennen en dat zal vast ook wel lukken. Jornt en Leon gaat met plezier naar de nieuwe basisschool op hun nieuwe fietsen, en moeten wennen aan nieuwe leermethodes, maar ook aan het vloeken en pesten. Jonas is aan het oefenen om straks twee ochtenden in de week naar de speelzaal te gaan en ikY Ik lees de krant, bel met vriendinnen, hanteer de stofzuiger en het strijkijzer weer zelf na 4 jaar, en beweeg me anoniem door de mensenmassa’s in de winkelstraten.
Toen mensen ons begin dit jaar ‘folle lok en seine’ toewensten, hoorde ik deze wens weer met nieuwe oren. In Kumba hebben mensen zoveel geluk en zegen nodig. Bij alles en voor alles. Hier heeft iedereen het vaak al. Ik moet dan steeds denken aan die mensen die ik heb achtergelaten en zeg zachtjes ‘Happy Happy!’

Sietske Visser
(Friesch Dagblad, 29 januari 2002)