Persoonlijke impressie bij ‘Een met de Ene’

een-met-de-ene-Persoonlijk impressie bij de presentatie van Kick Bras’ boek
Een met de Ene (Protestantse mystiek van Abraham Kuyper tot Maria de Groot).
18 september 2013.

 

Geachte aanwezigen, bêste minsken.

Ik wil Jan de Vlieger en Kick Bras van harte bedanken voor de uitnodiging om hier te mogen spreken. Ik ben daar enigszins verlegen onder, omdat ik mijzelf geen specialist acht op het gebied van de mystiek. Maar ik ben me bewust dat de uitnodiging te maken heeft met mijn rol als pionier-predikant voor Nijkleaster in Jorwert, midden in Fryslân, niet ver van hier. Ik spreek voor mijzelf, maar doe dat mede op grond van de ervaringen van het eerste jaar Nijkleaster.

Mystiek in het Nederlandse protestantisme
Het boek van Kick Bras gaat over mystiek in het Nederlandse protestantisme van de 20ste eeuw. Dat is voor velen misschien een wat vreemde combinatie. Komt mystiek niet uit de Rooms Katholieke hoek en de Oosters Orthodoxe traditie? Is het protestantisme niet eerder de traditie van de openbaring tegenover de ervaring, van het Woord tegenover onze gevoelens, van vaste vragen en antwoorden? Wordt het Nederlandse protestantisme niet gekarakteriseerd door een zekere hardheid en kilheid, door orde en structuur? Nee dus, blijkbaar kun je heel goed een boek schrijven over mystiek in het Nederlandse protestantisme. Kick Bras schrijft in dit boek over zichzelf:

‘Ik beschouw het als een roeping om de rijkdom en de uitdaging van de mystiek voor protestanten te ontsluiten, overigens in nauwe oecumenische samenwerking met rooms-katholieke gelijkgezinden. De misvatting dat mystiek iets is uit een vervlogen verleden of dat het een typisch rooms-katholiek verschijnsel zou zijn, heb ik geprobeerd te bestrijden en dat probeer ik opnieuw in dit boek.’

Daarmee is de bestaansreden voor dit boek duidelijk. Kick Bras wil laten zien dat ook in, door en onder het (Nederlandse) protestantisme mystieke stromen en onderstromen lopen. Hij beschrijft daartoe een reeks van centrale denkers en dichters. Dat is beslist een verrassende reeks. Voor mij staan er tenminste namen bij die ik daar niet verwacht had. Kick Bras opent een wereld aan informatie als het gaat om mystiek in het protestantisme. De hoofdstukken vormen inleidingen in de denkwereld van de denkers en dichters, met ruimhartige citaten. Het boek is daarmee ook een soort bronnenboek geworden. Niet een boek om aan een stuk uit te lezen. Nee, eerder een inleiding in de denkwereld van de gekozen vertegenwoordigers. Een goede inleiding. Een mooi boek dat ook de diversiteit van het protestantse denken in Nederland blootlegt.

Wat is mystiek?
Toen ik ooit aan het Union Theological Seminary in New York studeerde, voelden wij, de enkele Europese studenten, ons een vreemd soort theologen. Zowel de Amerikaanse studenten als de vele ‘derde wereld’ studenten hadden een persoonlijk geloofsverhaal: God sprak direct tot hen door de Bijbel, in dromen, in ontmoetingen. Ik herinner mij een Engelse medestudent die zei: ‘Well, I never heard Gods voice. He doesn’t speak directly to me. I feel no sense of calling.’ Hoon was zijn deel. Hij werd openlijk aangevallen met de vraag waarom hij überhaupt op een seminarium rondliep en theoloog wilde zijn. Ik vertel dit voorval omdat wij in Europa (en Nederland) vaak heel voorzichtig zijn met onze religieuze ervaringen. Wij lopen er niet mee te koop en staan kritisch tegenover onze eigen ervaringen. Immers, verwarren we Gods stem niet met onze eigen stem. Gods wil met ons eigen verlangen? In hoeverre gebruiken we onze ervaringen om onze eigen spirituele en machtspositie te consolideren of te verstevigen? Ik heb die distantie daarom altijd heilzaam gevonden. Laten we voorzichtig zijn met een al te snelle identificatie van onze ervaringen met Gods boodschap.

Maar binnen de ‘echte’ mystiek is hiervoor, volgens mij, altijd sensitiviteit. Een mysticus is zich bewust van de eigen nietigheid, van het tekort (letterlijk en figuurlijk) van de eigen ervaringen, van de factor ‘macht’ die meespeelt in het zich laten voorstaan op mystieke ervaringen. Mystieke ervaringen maken ons eerder voorzichtig. Want je leert los te laten en te ontvangen. Je bent verlegen met je verliefdheid en hebt eindeloos heiwee.  Het verlangen naar het aangeraakt worden maakt je bescheiden en blaast je ego niet op. Je wilt niet terug naar de wereld daar beneden, maar je weet dat juist dáár je roeping ligt. Mystiek is omgeven met huiver. Bovendien gaat het niet alleen om de momenten van ‘aanraking’ maar vooral ook om de continuïteit. Het gaat niet zozeer om de ‘kick’ van een mystieke ervaring maar om de ‘verwerking’ in je eigen bestaan. Kick Bras beschrijft mystiek in zijn boek als:

‘de ervaring van God als een levende werkelijkheid die de mens van binnenuit aandrijft tot het gaan van een weg naar steeds ingrijpender eenwording. De eenwording met de goddelijke Geest wordt in meestal kortdurende ervaringen beleefd, maar via een langer proces van omvorming in heel de persoonlijkheid geïntegreerd.’

Mystiek gaat daarmee niet alleen over mystieke ervaringen, maar vooral ook over het proces van omvorming. Mystiek gaat over een weg die je gaat met God. Uiteindelijk ontdek je, beetje bij beetje, sporen van de weg die God met jou gaat.

Mystiek en engagement
Ik kom zelf uit de hoek van het maatschappelijk engagement. Tijdens mijn studie en de jaren daarna had ik niet zo veel met ‘persoonlijke vroomheid’. Het draaide bij de bevrijdingstheologie, bij de zwarte theologie, bij de feministische theologie, bij de flikker theologie, bij de Afrikaanse theologie immers om ‘bevrijding’ van onderdrukking. In het proces van zoeken naar een nieuwe wereld, ontstond echter langzamerhand het besef dat ik persoonlijk ook vernieuwd moest worden. Ik wilde niet ten onder gaan in de strijd. Ik had kracht nodig om het vol te houden; water uit een bron nodig om mijn dorst te lessen; wijsheid om niet te gaan lijken op de demonen die ik bestreed; voedsel voor onderweg niet om te komen. De zoektocht om heelheid in een gebroken wereld bleek evenzeer een zoektocht naar heelheid in mijn eigen leven. Het dromen van een nieuwe wereld, het zoeken naar heelheid in combinatie met een voortdurende en innige omgang met de woorden uit de Schrift hebben mij langzamerhand op de weg gezet van de mystiek. Of beter op een weg van het openstaan voor God in mijn persoonlijke leven. Mystiek en maatschappelijk engagement horen voor mij bij elkaar. Daarom spreken in dit boek van Kick Bras de hoofdstukken over Miskotte, Jurjen Beumer en Maria de Groot mij het meeste aan. Met hen voel ik mij het meest verbonden. De Ichthus is voor mij een zalm, die tegen de stroom in de bron zoekt.

In het najaar van 2005 was ik met een groep collega’s op reis naar Iona. Na een week ontmoetten we Cathy Galloway in Glasgow. Zij was toen de leider van de Iona community. Tot ontsteltenis van sommigen verzuchtte zij:

‘Soms denken we dat we het eiland Iona moeten afstoten en loslaten. Teveel mensen komen naar het eiland toe voor mooie religieuze ervaringen. Om betoverd te worden door het landschap, de stilte, de abdij, de muziek. Maar waar zijn ze naderhand als het gaat om de strijd tegen de Trident nucleaire onderzeeërs die hier in Glasgow gestationeerd zijn? Waar zijn ze wanneer we mensen nodig hebben die aids patiënten moeten verzorgen? Waar zijn ze wanneer als we vrijwilligers nodig hebben voor de soup-kitchen? Waar zijn ze wanneer mishandelde vrouwen een schuilplaats nodig hebben? Perhaps we should stop the religious tourism to the island of Iona!’ Hoe schokkend zulke woorden ook zijn voor de Iona-community (genoemd naar het eiland!), toch begrijp ik haar pointe. Wie weet zullen deze woorden ook belangrijk worden voor Nijkleaster?

Nijkleaster
Sta me toe eerst in het kort iets te vertellen over de achtergrond van Nijkleaster. De pioniersplek Nijkleaster is een samenwerkingsverband van de stichting Nijkleaster, de prot. gemeente Westerwert en Missionair Werk van de PKN. Het wil proberen een nieuwe soort klooster te stichten binnen de protestantse traditie, een nieuw klooster: Nijkleaster. Inhoudelijk willen we (1) ‘een dijk’ vormen tegen de bedreigingen van vandaag de dag. Zoals in de middeleeuwen door de monniken dijken werden gebouwd tegen de bedreigingen van die tijd (het water) zo willen wij een plek van bescherming zijn tegen het lawaai, de drukte, de deadlines, alles wat we willen, kunnen, moeten en zullen. Een plaats van stilte en rust. In de tweede plaats willen we (2) een alternatief bieden naast het parochie (of gemeente) model. Als protestanten hebben we ons bijna beperkt tot het model dat gericht is op de territoriale gemeente met kerk en priester of dominee. We willen een plek bieden van gemeenschap, gastvrijheid en doorgaand gebed. Tenslotte willen we (3) kerk en klooster zijn in context. Ons rekenschap geven van de hele context waar we thuishoren: met de taal, cultuur en geschiedenis en alles wat daarbij hoort. Daar kan ik nu jammer genoeg niet over uitwijden. We zoeken kortom naar persoonlijke, kerkelijke en maatschappelijke vernieuwing.

En tot onze grote vreugde beperkt de deelname zich beslist niet tot protestanten of zelfs protestantse Friezen. Onze deelnemers komen overal vandaan. Wij proberen daarbij onszelf te zijn. Maar onze eigenheid wordt begrensd door onze gastvrijheid!

Nijkleaster en protestantse mystiek
Nijkleaster bestaat als project nog geen jaar. Er valt dus nog niet veel te zeggen. Ik constateer wel een aantal trends. De deelnemers komen naar Nijkleaster om diverse redenen. Vaak noemen ze de viering en de stilte, maar evenzeer de kleaster-kuier en de verbinding met elkaar. De deelnemers begrijpen ons concept van ‘stilte, bezinning en verbinding’ eigenlijk heel snel en ervaren het als eenvoudig en als vanzelfsprekend. Men voelt ook dat het er niet om gaat om meningen uit te wisselen. Nijkleaster is geen levenbeschouwelijk platform. Ieder is geconcentreerd op zijn en haar eigen leven en geloven. De stiltes in de viering en tijdens de kleaster-kuier zijn daarbij essentieel. We stoppen met spreken en proberen de stilte in te ademen. We worden stil voor God. Direct bij de opening in de vieringen zingen we het lied: ‘Iepenje my foar jo goedens, en reitsje my oan’ (Open mij voor uw goedheid, en raak mij aan). Dat gebed geeft de toon aan van Nijkleaster. We bidden om openheid, en om geraakt te worden. We praten niet zozeer over God, we stellen ons open voor God. We praten niet zozeer met of tegen God, we verlangen eerder om aangesproken te worden. Het tweede lied dat we zingen is het lied uit de Iona community ‘Take, o take me as I am’. We zingen het lied in het Engels, Frysk en Nedelands. Het drukt het verlangen uit om fundamenteel geaccepteerd te zijn, maar vervolgens ook om vernieuwd te worden. Ook daar is nog veel over te zeggen, maar nu niet.

In Jorwert kreeg ik in het afgelopen jaar op straat wel eens de vraag: Dûmny, wat fertelle jo dy minsken no eltse kear? (dominee, wat vertelt u al die mensen steeds). En dan antwoord ik dat we veel stil zijn en dat ik niet zoveel te vertellen heb. En dan kijken ze me aan alsof ik hen in de maling neem. Maar we proberen eigenlijk alleen maar (een) plaats te maken voor God. Dat klinkt vroom en dat is het eigenlijk ook. We proberen (een) ruimte te faciliteren waar God zijn of haar werk kan doen aan ons. Dat is alles.

Natuurlijk beleeft iedere deelnemer het op zijn of haar manier. En natuurlijk is er altijd veel plezier en genieten we het goede leven tijdens het kleaster-miel (klooster-maaltijd) in de herberg van Jorwert. Maar het bovenstaande vormt wel de basis van Nijkleaster. Het woord mystiek gebruiken we daar niet vaak bij. Ik constateer dat er een grote behoefte is aan verinnerlijking en verdieping van het geloof. Een verlangen naar persoonlijk en authentiek geloof en leven. En dat heeft dan weer alles te maken met onze plek in kerk en maatschappij. Het boek van Kick Bras maakt duidelijk dat zoiets in de protestantse wereld altijd wel als onderstroom aanwezig is geweest. Hij legt met zijn boek de weg open om hier vrijmoedig mee om te gaan. We zijn hem daar dankbaar voor!

Hinne Wagenaar
(pionier predikant voor Nijkleaster)

Geef een reactie